P13 Bloeddrukmeting met een manuele bloeddrukmeter

https://werkenbijravhm.nl/video/bloeddruk-handmatig-meten/

Materialen

Noodzakelijk materiaal

  • manuele bloeddrukmeter
  • stethoscoop
  • reinigingsmiddel voor materialen
  • kompressen

Voorbereiding

  • informeer de patiënt over de indicatie, de werkwijze en de eventuele medewerking die je van de patiënt verlangt
  • vraag naar de normale waarde van de bloeddruk de patiënt
  • vraag naar de voorgeschiedenis van de patiënt, neem nooit de bloeddruk langs de zijde waar:
    • de patiënt een borstamputatie en/of klierweefselwegname heeft gehad
    • de patiënt een arterioveneuze shunt in de arm heeft voor dialyse
  • zorg dat je op de hoogte bent van het goede gebruik van de automatische bloeddrukmeter

Uitvoering

  1. indien mogelijk, neem de bloeddruk aan de linkerzijde

  2. voel aan de zijde waar je de bloeddrukmeting zal uitvoeren naar de hartslag ter hoogte van de pols (arteria radialis) zodat je weet dat deze voelbaar is, zo niet neemt je de andere arm

  3. maak de bovenarm vrij

  4. zorg dat de patiënt in een stabiele, ontspannen positie zit of ligt

  5. vraag om niet te spreken of te bewegen tijdens de meting

  6. neem de juiste manchetbreedte zodat deze voldoende rond de bovenarm past, aangeduid door witte markeerlijnen

  7. breng de manchet correct aan:

    • verwijder nog aanwezige lucht uit de manchet, ontkoppel eventueel de manchet van de leiding
    • laat de patiënt de arm strekken
    • leg de manchet aan met de onderste rand een 3 tal cm boven de elleboogplooi
    • zorg dat het midden van de manchet, vaak aangeduid door pijl of tekening, ter hoogte van de armslagader ligt
    • sluit de manchet rondom de bovenarm zonder deze aan te spannen
    • laat de patiënt de arm rusten op een tafel of armleuning
  8. houd de manometer zichtbaar

  9. plaats de oordoppen van de stethoscoop in je oren, in de richting van je gehoorgang

  10. plaats het membraan van de stethoscoop op de binnenzijde van de elleboogplooi ter hoogte van de armslagader

  11. sluit het luchtventiel

  12. pomp de manchet op tot 30 mmHg boven de te verwachten bloeddruk

  13. open het ventiel rustig en laat de druk voorzichtig weglopen (± 2 mmHg/s)

  14. lees de waarde af op de manometer op het moment dat je de eerste toon hoort, dit is de systolische bloeddruk

  15. lees de waarde af op de manometer op het moment dat je geen tonen meer hoort, dit is de diastolische bloeddruk

  16. laat de rest van de lucht ontsnappen uit de manchet

  17. bij een slechte of twijfelachtige meting:

    • controleer de manchet en de stethoscoop
    • herhaal de meting na 1 minuut
  18. indien het dan niet lukt om de tonen waar te nemen, kan je met je vingers de systolische druk bepalen ter hoogte van de polsslagader:

    • plaats je vingers op de polsslagader
    • pomp de manchet op tot 20 mmHg boven de druk waarop de hartslag ter hoogte van de pols verdwijnt
    • laat de manchet langzaam leeglopen (± 2 mmHg/s) en kijk naar de manometer
    • op het moment dat je de pulsaties van de polsslagader voelt lees je de systolische druk af van de manometer
    • de diastolische druk kan je zo niet bepalen

Nazorg / registratie

  • na gebruik:
    • reinig en ontsmet de manchet en de stethoscoop
    • laat het toestel geregeld ijken
  • informeer de patiënt over het resultaat
  • controleer de houding van de patiënt
  • controleer de vitale functies van de patiënt
  • breng de kledij van de patiënt terug in orde
  • noteer je actie/resultaat op het registratieformulier

Aandachtspunten

Je moet als hulpverlener-ambulancier beschikken over een goede kennis van de anatomie en fysiologie van het hart- en bloedvatenstelsel. Hiervoor wordt verwezen naar het desbetreffende hoofdstuk in het handboek voor de hulpverlener-ambulancier.

Denk er aan dat je als hulpverlener-ambulancier geen diagnose mag stellen. Echter, een goed inzicht in de meetwaarde op de bloeddrukmeter, gelinkt aan de (uiterlijke) kenmerken bij de patiënt en de door de patiënt opgegeven ‘normaalwaarde’ kunnen helpen in het vormen van een duidelijker beeld van de toestand van de patiënt en ook in de afweging tot het al dan niet vragen naar medische ondersteuning (MUG/PIT).

Zorg tijdens de uitvoering van de techniek voor een zo hygiënisch mogelijk werken.


Terug naar Wiki · overzicht Procedures - overzicht